Hoe volgen wij de ontwikkeling


Naar de schoolgids index


Voordat een leerling onze school gaat bezoeken, nodigt de leerkracht de ouders uit voor een kennismakingsgesprek. In dit gesprek komt ook het ontwikkelingsverloop van het kind aan bod. Ouders ontvangen een intakeformulier met de vraag om te in te vullen en terug te sturen naar de school. Tijdens het intakegesprek is het ingevulde formulier de leidraad in het gesprek.

In de groepen 1 en 2 worden de kinderen geobserveerd. Aan de hand van deze observaties stelt de leerkracht het leeraanbod en de beste aanpak vast. Door dit zorgvuldig te registreren krijgt de leerkracht een goed beeld van het kind. Na 3 maanden wordt er een “stand van zakenformulier” ingevuld; een eerste screening van de ontwikkeling van het kind. Deze observaties worden gebruikt bij het invullen van het Ontwikkelingsvolgmodel KIJK.

Verder worden er vanaf groep 2 enkele toetsen van het CITO-leerlingvolgsysteem afgenomen om te zien of het kind ver genoeg is in zijn ontwikkeling, om met succes naar groep 3 te gaan. De observaties en de toetsgegevens dienen als leidraad bij het bespreken van een leerling tijdens de 10-minutengesprekken, maar ook bij een leerlingenbespreking met de intern begeleider.

In de groepen 3 t/m 8 wordt door de leerkrachten het gemaakte werk bekeken zodat de leerkracht een goed beeld krijgt van de vorderingen en/of eventuele problemen van de leerling. Maar ook hier is observeren steeds belangrijker om een goed beeld te krijgen van de ontwikkeling van uw kind. Verder worden ook toetsen afgenomen die bij de verschillende methodes horen. Daarnaast wordt in deze groepen gebruik gemaakt van het CITO-leerlingvolgsysteem.

Met betrekking tot de sociaal-emotionele ontwikkeling observeren de leerkrachten de leerlingen in de groep en buiten op de speelplaats. Verder wordt door de leerkrachten twee keer per jaar het volgsysteem gedrag: SCOL ingevuld.

De dobbelsteen DSC_5186

Tevens gebruiken we instrumenten om meer begaafde leerlingen in kaart te brengen (DHH: Digitaal Handelingsprotocol Hoogbegaafdheid).

Verder maken we gebruik van de pestvragenlijst. Dit is een lijst die door de kinderen (van groep 5 t/m 8) ingevuld wordt. Met de uitkomsten van deze lijst gaat de leerkracht in gesprek met de kinderen. Er wordt tevens een sociogram gemaakt.


 

Kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong

In elke groep zijn wel een aantal leerlingen die wat betreft hun leerprestaties boven het gemiddelde van de groep uitsteken.

Dit kan op alle gebieden zijn, maar dit kan ook op een enkel gebied zijn.

Een kind dat heel erg goed presteert kan dan ook mogelijk een hoog- of meerbegaafde leerling zijn. Deze leerlingen hebben extra aandacht nodig om te voorkomen dat ze zich gaan vervelen, minder gemotiveerd raken en hierdoor misschien andere problemen gaan krijgen.

Het is belangrijk bij deze kinderen tijdig zaken te signaleren en afspraken te maken met betrekking tot hun begeleiding.

  • Signaleren en diagnosticeren

Dit gebeurt door observaties van de leerkracht in de groep en door te toetsen. Verder zijn er een aantal aanvullende gegevens nodig.

De leerkracht bekijkt met de intern begeleider welke leerlingen nader bekeken dienen te worden.

Aan de hand van het verdere onderzoek bepalen de leerkracht met de intern begeleider na overleg met de ouders, de meest passende aanpak.

  • Verrijking

Het kind krijgt (eventueel naast de regulier stof) ander werk. Dit werk moet niet méér van hetzelfde zijn, maar extra uitdagend en een uitbreiding van de reguliere leerstof zijn.

Belangrijk is dat aan het gemaakte werk eisen zijn verbonden, het werk nagekeken en nabesproken wordt met de leerling.

  • Versnellen:

Voor sommige kinderen zal versnellen een betere oplossing zijn. In uitzonderlijke gevallen kan ervoor gekozen worden een leerling een groep over te laten slaan.

Dit zal met name op de onderbouwleerling van toepassing kunnen zijn. Versnellen binnen de jaargroep is echter ook een mogelijkheid die vaker toegepast zal worden.

Een kind kan in dat geval, per dag, per week of per blok de leerstof in zijn eigen tempo doorwerken waarna het kind aan de extra stof kan beginnen.

In een handelingsplan wordt de aanpak beschreven, welke leerstof er aangeboden wordt en wanneer evaluatie zal plaatsvinden.

We hebben een borgingsdocument gemaakt rondom werken met kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong, dit document is op te vragen bij de directie. Het document en onze werkwijze wordt continu verbeterd en ontwikkeld.

Voor leerlingen die extra uitdaging nodig hebben bestaat er verder de mogelijkheid om Spaanse les te volgen.

Deze is bedoeld voor leerlingen die dit aan kunnen, tijd over hebben en gemotiveerd zijn zich hiervoor in te zetten.

Als uw kind hiervoor in aanmerking komt zal de leerkracht hierover contact met U opnemen.

Voor een enkele leerling die nog meer uitdaging nodig heeft is er de Plusklus.

Dit wordt georganiseerd voor de scholen van cluster blauw.

Deze groep van 15 leerlingen uit de groep 6 en 7 (van 9 verschillende scholen) hebben één ochtend in de week een speciaal programma.

Hier komen ze met gelijkgestemden bij elkaar en werken aan verschillende opdrachten.

Deze opdrachten moeten deels ook op de eigen basisschool naast het reguliere werk gemaakt worden.

Op deze manier kunnen we ook deze kinderen wat extra’s bieden.


Download deze pagina Download de gehele schoolgids